Minder onzekerheid in verband met de energietransitie betekent meer ondernemer­schap en innovatie in de energiesector

Zorgen voor betaalbare, zekere en milieuvriendelijke energie

Een vergelijking van de elektriciteitsprijs tussen België en de buurlanden speelt in het nadeel van heel wat van onze industrieën (tot +33%), in het bijzonder van de energie-intensieve industrieën. En dat terwijl ons industrieel weefsel behalve energie-intensief ook efficiënt is. Daarnaast is er de fundamentele uitdaging van de bevoorradingszekerheid, gelet ook op de gedeeltelijke of totale uitstap uit kernenergie, die tot 2022 (datum waarop de eerste reactor wordt stilgelegd) meer dan 50% van onze stroomvoorziening zal blijven uitmaken. Ten slotte zorgt de energietransitie naar een koolstofarme samenleving ook voor talrijke uitdagingen voor het gebouwenpark (renovatiegraad), de mobiliteit en de industrie, zowel de maakindustrie als de energiesector zelf.

De volledige energievisie van het VBO, gericht op een drievoudige doelstelling van bevoorradingszekerheid, competitieve prijzen en het nakomen van onze internationale engagementen (zowel op klimaatvlak als wat luchtvervuiling betreft), is te lezen op: www.vbo.be/publicaties/energievisie-voor-belgie/

 

 

Meer in het bijzonder dringt het VBO erop aan dat de volgende regering werk maakt van

  • Een energienorm, met name voor de energie-intensieve bedrijven (kleine en grote), teneinde de competitiviteit van de eindprijzen voor elektriciteit te herstellen. De bestaande concurrentievoordelen voor de ondernemingen, die gunstig zijn voor investeringsbeslissingen in ons land, moeten behouden blijven.
  • Een energiefactuur die zich enkel beperkt tot de kosten die verband houden met het energiesysteem.
  • Het regelmatig opvolgen van de bevoorradingszekerheid, met zo nodig corrigerende acties die snel geïmplementeerd worden. In dit kader, maar ook omwille van de energieprijzen en de CO2-uitstoot, worden bij het begin van de legislatuur onmiddellijk onderhandelingen met de kerncentrale-uitbaters opgestart om twee tot vier kernreactoren voor 10 jaar te verlengen. Die moeten uiterlijk eind 2020 aflopen.
  • Een betere isolatie en optimalisering van het energieverbruik in gebouwen, te beginnen met de gebouwen van de overheid, is een absolute prioriteit. Volgens het Nationaal Pact voor Strategische Investeringen dient er daartoe tegen 2030 een inspanning te gebeuren van 17 mld. euro voor publieke gebouwen, deels gefinancierd door de overheid en deels door de private sector die hierbij via publiek-private partnerschappen een belangrijke rol kan spelen. De overheid moet daarnaast ook de transformatie van het bredere gebouwenpark ondersteunen, onder meer wetgevend, om de renovatie van zowel privégebouwen als sociale woningen te stimuleren.
  • Tegen het einde van het eerste jaar van de legislatuur moet er een versnelde vergunningsprocedure komen voor het bouwen en upgraden van infrastructuur. Dit is onontbeerlijk om binnen redelijke termijnen projecten te verwezenlijken die noodzakelijk zijn voor de energietransitie. Ook moet er gewerkt worden aan de publieke aanvaarding van die infrastructuur.